Eindtermen vmbo uitgelegd
In het PTA staat bij elke toets welke eindtermen hij toetst. Bij het vmbo zijn dat codes zoals EC/K/4A of AK/V/2. Hier lees je wat zo'n code betekent, waar je ziet wat verplicht is en hoe je eindtermen eenduidig in het PTA zet.
Bijgewerkt op
Examenprogramma en syllabus
Voor elk vak is er een examenprogramma, opgedeeld in exameneenheden. Voor vakken met een centraal examen maakt het College voor Toetsen en Examens (CvTE) daarnaast per examenjaar een syllabus. Die beschrijft de stof van het centraal examen en bevat een tabel met de verdeling van de examenstof over het centraal examen (CE) en het schoolexamen (SE). Beide documenten staan per examenjaar op examenblad.nl.
Zo lees je een eindtermcode
Neem EC/K/4A:
| Deel | Betekenis |
|---|---|
EC | Het vak, hier economie. Andere voorbeelden: AK aardrijkskunde, NE Nederlands, WI wiskunde. |
K | Het kerndeel. V staat voor het verrijkingsdeel (alleen GL/TL). |
4 | Het nummer van de exameneenheid. |
A | Een onderdeel van exameneenheid 4. Economie heeft bijvoorbeeld EC/K/4A en EC/K/4B. |
Kerndeel en verrijkingsdeel
Het kerndeel (K) is de basisstof van het vak. Voor welke leerwegen een K-eenheid geldt, staat in de tabel van de syllabus: bij de meeste vakken voor alle leerwegen, maar niet altijd. De verrijkingsdelen (V) gelden alleen voor de gemengde en theoretische leerweg (GL/TL). Een V-eenheid hoort dus niet in het PTA van de basis- of kaderberoepsgerichte leerweg.
De verdeling CE – SE
De syllabus geeft per exameneenheid en per leerweg (BB, KB, GT) aan waar de stof wordt getoetst:
- CE: in het centraal examen.
- Moet op SE: verplicht in het schoolexamen. Deze eindtermen moeten in het PTA staan, bij minstens één toets.
- Mag op SE: de school mag deze stof ook in het schoolexamen toetsen, maar het hoeft niet.
Een eenheid kan in meer dan één kolom staan. Bij sommige vakken zijn er ook keuzeonderdelen: daarvan kiest de school er een aantal. Hoeveel, staat in de syllabus van het vak.
Voorbeeld: aardrijkskunde, examenjaar 2028, gemengde/theoretische leerweg
| Eindterm | CE | Moet op SE | Mag op SE |
|---|---|---|---|
AK/K/1 Oriëntatie op leren en werken | – | ✓ | – |
AK/K/3 Leervaardigheden in het vak aardrijkskunde | ✓ | ✓ | – |
AK/K/4 Weer en klimaat | ✓ | – | ✓ |
AK/K/5 Bronnen van energie | – | ✓ | – |
AK/V/1 Casus weer en klimaat: extreme weersomstandigheden | ✓ | – | ✓ |
AK/V/2 Casus bronnen van energie: energiebeleid | – | ✓ | – |
Uit de Syllabus aardrijkskunde vmbo 2028 (versie 2). Een eindterm met een vinkje bij "moet op SE" hoort dus bij minstens één toets in het PTA.
Eindtermen noteren in het PTA
Zet bij elke toets de eindtermen voluit, gescheiden door een komma en een spatie:
AK/K/1, AK/K/3, AK/V/2
Vermijd andere schrijfwijzen:
| Niet | Wel | Waarom |
|---|---|---|
AK/K/1: AK/K/3 | AK/K/1, AK/K/3 | dubbele punt in plaats van een komma |
AK/K/1 AK/K/3 | AK/K/1, AK/K/3 | alleen spaties |
K1, K3, V2 | AK/K/1, AK/K/3, AK/V/2 | verkort, zonder vak |
BI/K/4 1-2-3 | BI/K/4 | losse nummers achter de eindterm |
BV/K/7/8 | BV/K/7, BV/K/8 | twee eindtermen in één code |
Ne/k/2 | NE/K/2 | kleine letters |
Waarom het uitmaakt: het PTA moet duidelijk en herleidbaar laten zien welke toetsen welke examenstof afsluiten. Met één vaste notatie kan iedereen dat direct lezen, ook als het PTA van meerdere docenten komt. PTA-APK meldt afwijkende notaties onder "Notatie", met de juiste schrijfwijze erbij.
En bij havo en vwo?
Bij havo en vwo werken de examenprogramma's met domeinen en subdomeinen, zoals A of B2, in plaats van codes zoals EC/K/4A. Welke (sub)domeinen in het centraal examen en het schoolexamen zitten, staat in het examenprogramma van het vak.
Elk jaar opnieuw kijken
Syllabi worden per examenjaar vastgesteld en kunnen tussentijds een nieuwe versie krijgen. Controleer daarom bij het opstellen van het PTA of je de versie van het juiste examenjaar gebruikt. Wat je nog meer controleert, staat in PTA controleren: waar let je op?